Wat kost het om zelf elektrisch gereedschap te keuren?

Reken indicatief op een cursus van € 295 tot € 495 per persoon, een apparatentester vanaf circa € 350 en kosten voor tijd, registratie en kalibratie. U blijft als werkgever verantwoordelijk.

Zelf keuren kost vooral een opleiding voor de medewerker die gaat keuren, meetapparatuur en tijd. Indicatief gaat het om een eendaagse cursus van € 295 tot € 495 per persoon en een apparatentester vanaf circa € 350, plus registratie, stickers en kalibratie van de apparatuur (stand oktober 2026). Of het loont, hangt vooral af van het aantal apparaten.

Mag dat?

Ja. Art. 7.4a Arbobesluit eist dat de keuring wordt uitgevoerd door een deskundige, niet door een gecertificeerd bedrijf. Arboportaal noemt uitdrukkelijk de technische dienst van het eigen bedrijf als mogelijkheid. U kunt dus een bekwame medewerker aanwijzen, bijvoorbeeld als VOP (voldoende onderricht persoon) of VP (vakbekwaam persoon) volgens NEN 3140, en in de aanwijzing vastleggen welke arbeidsmiddelen hij mag keuren. U moet kunnen aantonen dat die medewerker bekwaam is. Voor grotere arbeidsmiddelen zoals bouwkasten en aggregaten is volgens Bouwend Nederland gedegen elektrotechnische kennis nodig. Een eigen keuring is geen SCIOS Scope 9-inspectie. Zie zelf keuren of uitbesteden.

Opleiding

Opleidingsprijzen die aanbieders zelf noemen (indicatief, stand oktober 2026):

OpleidingDuurPrijs
Nieuwhuis Opleidingen, cursus NEN 3140 keurmeester1 dag€ 295 (btw niet vermeld)
Parkstad Opleidingen, instructie NEN 3140 (VOP)1 dag + zelfstudie€ 495 excl. btw
ROVC, NEN 3140 Inspection of electrical work equipmentvanaf 1 dag€ 495 excl. btw
Parkstad Opleidingen, SCIOS Scope 9-opleiding1 dag + zelfstudie€ 495 excl. btw, plus examen € 555 excl. btw

Het SCIOS-diploma is alleen nodig voor wie bij een gecertificeerd bedrijf Scope 9-inspecties wil uitvoeren. Nieuwhuis adviseert de kennis na 24 maanden op te frissen. Opleidingsfondsen kunnen een deel vergoeden: Parkstad noemt Wij Techniek, Nieuwhuis noemt OOM, OTIB en UNETO-VNI. Zie VOP: keuren van arbeidsmiddelen.

Meetapparatuur en registratie

  • Apparatentester: Nieuwhuis Opleidingen noemt een prijs vanaf € 350, Envora € 1.500 tot € 3.000 voor een complete set. Voor bouwkasten, aggregaten en driefasenmaterieel is een installatietester of losse meetapparatuur nodig.
  • Kalibratie: NEN 3140 vraagt vast te leggen met welke meetinstrumenten wordt gekeurd. Keurbedrijven werken met gekalibreerde apparatuur; RepaKeur laat zijn tester jaarlijks door de fabrikant controleren.
  • Registratie: software kost volgens Tooltagger vanaf € 39 per maand; Envora noemt € 500 tot € 1.000. Papier of digitaal mag; de norm laat zich daar volgens Bouwend Nederland niet over uit.
  • Stickers en tijd: keuringsstickers en de uren van uw medewerker, inclusief het verzamelen van de apparaten.

Zie ook meetapparatuur.

Wanneer loont het?

Envora noemt voor een interne keurmeester eenmalige kosten van ruwweg € 4.000 tot € 8.500 (het artikel noemt twee verschillende bandbreedtes) en een terugverdientijd van twee tot drie jaar bij meer dan 300 apparaten of meer dan vijf locaties; de herkomst van die cijfers is onduidelijk. Zet uw eigen kosten af tegen de stukprijs van een keurbedrijf: indicatief € 4,50 tot € 11,50 per apparaat exclusief btw, plus voorrijkosten (zie prijs per apparaat).

Verantwoordelijkheid blijft bij u

Of u nu zelf keurt of uitbesteedt: de werkgever blijft verantwoordelijk voor veilige arbeidsmiddelen. Bouwend Nederland schrijft dat uitbesteden die verantwoordelijkheid niet overdraagt. Wie zelf keurt, draagt daarnaast de verantwoordelijkheid voor de deskundigheid van de eigen keurder en voor een volledig register.

Verwante onderwerpen