12 november 2025 · Redactie

Ladders, steigers en hijsmiddelen: welke keuringen gelden naast Scope 9?

Scope 9 gaat alleen over elektrische arbeidsmiddelen. Ladders, steigers, hijsmiddelen, heftrucks en stellingen hebben eigen keuringsregels. Een overzicht van wat de wet en de branche vragen.

Een Scope 9-inspectie of NEN 3140-keuring gaat alleen over elektrische arbeidsmiddelen. Ladders, rolsteigers, steigers, hijsmiddelen, heftrucks en magazijnstellingen moeten ook gekeurd worden, maar volgens andere regels. Voor de meeste daarvan geldt dezelfde hoofdregel als voor elektrisch gereedschap: art. 7.4a Arbobesluit, keuren zo vaak als nodig door een deskundige. Een harde wettelijke jaartermijn geldt alleen voor hijs- en hefgereedschap en voor hijskranen vanaf twee ton. Voor de rest zijn het branche-afspraken die de termijn invullen. Dit artikel geeft een overzicht (stand november 2025).

De hoofdregel: art. 7.4a Arbobesluit

Art. 7.4a geldt voor elektrische én mechanische arbeidsmiddelen, met een paar uitzonderingen voor middelen met een eigen regeling, zoals steigers op de bouwplaats, liften, drukapparatuur en hijskranen. Een arbeidsmiddel dat aan verslechtering onderhevig is, wordt gekeurd "zo dikwijls dit ter waarborging van de goede staat noodzakelijk is" (lid 3), door een deskundige (lid 5). Het bewijs ligt op de arbeidsplaats (lid 6). De wet maakt geen onderscheid tussen een elektrische en een mechanische keuring. Dat onderscheid komt uit normen en keuringsschema's. Een SCIOS Scope 9-certificaat zegt dus niets over ladders, steigers of hijsmiddelen. Wat de hoofdregel precies inhoudt, leest u in wat de wet echt eist.

Ladders en trappen

Voor ladders en trappen bestaat geen eigen keuringsartikel. De keuringsplicht volgt uit art. 7.4a lid 3. De branche heeft de termijn ingevuld. Het Volandis A-blad Ladders en trappen (bouw, 2015) schrijft dat ladders en trappen "periodiek, maar ten minste eenmaal per jaar, door een deskundige" worden geïnspecteerd op slijtage, vervorming, scheurvorming en het functioneren van de verbindingen. Bij intensief gebruik moet dat vaker. Na goedkeuring wordt het materieel gewaarmerkt, bijvoorbeeld met een sticker, en de deskundige maakt een rapport. Vóór ieder gebruik volgt een controle op het oog.

Het gebruik is wél streng geregeld. Onveilig gebruik van ladders en trappen (art. 7.23a) is een zware overtreding, met een normbedrag van € 9.000 en een directe boete. Dat is fors meer dan de € 3.000 voor het niet keuren. Zie ladders en trappen.

Rolsteigers en steigers

Voor rolsteigers noemt het Volandis A-blad Rolsteigers (december 2021) drie controlemomenten: een keuring van de onderdelen minstens eenmaal per jaar door een deskundige, een controle na montage en een controle vóór ieder gebruik en bij aanpassingen. Het A-blad volgt NEN-EN 1004-1. Op de bouwplaats geldt voor rolsteigers daarnaast art. 7.34 (zie hieronder); daarbuiten valt de periodieke keuring onder art. 7.4a.

Voor gevel- en systeemsteigers op de bouwplaats geldt art. 7.34 Arbobesluit. Dat artikel hoort bij de aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen (art. 7.31) en geldt alleen daar; buiten de bouwplaats, bijvoorbeeld in de industrie, valt een steiger onder art. 7.4a. Een "ter zake deskundig persoon" controleert de steiger regelmatig, in ieder geval vóór ingebruikneming, na elke wijziging, na een periode van stilstand en na abnormale weersomstandigheden. Art. 7.4a lid 1 tot en met 5 geldt dan niet, lid 6 (bewijs) wel. Volgens het A-blad Steigerbouwen gebeurt de inspectie in de bouw "in de regel minimaal elke 2 weken". In de industrie, of waar niets verandert, ligt er maximaal drie maanden tussen twee inspecties. Die termijnen zijn branche-afspraken, geen wettelijke eisen.

Hijs- en hefmiddelen en kranen

Hier staan wel harde termijnen in de wet:

  • Hijs- en hefgereedschap (kettingen, stroppen, sluitingen, hijsbanden): "ten minste eenmaal per jaar" onderzocht door een deskundige met de benodigde uitrusting (art. 7.20 lid 6 Arbobesluit). TCVT-schema W1-01 is niet wettelijk verplicht, maar geldt als stand der techniek.
  • Hijskranen vanaf twee ton bedrijfslast: minstens eenmaal per twaalf maanden gekeurd door een deskundige (art. 6d Warenwetbesluit machines).
  • Mobiele kranen en torenkranen vanaf 10 tonmeter: daarnaast ten hoogste elke 24 maanden door een aangewezen instelling, volgens TCVT-schema W3-01. Er volgen een certificaat van goedkeuring, een kraanboek en een TCVT-sticker.

Op een bouwplaats moeten kraanmachinisten van die kranen bovendien geregistreerd zijn in het Register kraanmachinisten (art. 7.32 Arbobesluit, onderdeel van de aanvullende voorschriften voor bouwplaatsen). Zie hijs- en hefgereedschap.

Heftrucks, hoogwerkers en stellingen

Voor heftrucks, verreikers en hoogwerkers bestaat geen eigen wettelijk keuringsartikel. De periodieke keuring volgt uit art. 7.4a lid 3. In de praktijk gebeurt die onder BMWT-Keur. Volgens BMWT wordt jaarlijks keuren "als algemeen voldoende beschouwd". BMWT-Keur kent geen "fatale datum", omdat art. 7.4a geen harde deadline stelt. Volgens de BMWT-folder ging het in 2021 om 364.919 keuringen.

Interessant voor wie ook elektrisch keurt: bij een BMWT-keuring van een tractiebatterij en lader meet de keurmeester ook de NEN 3140-waarden. Volgens BMWT is een aparte NEN 3140-keuring van de lader dan "niet meer nodig". Controleer wel in het keuringsrapport of die metingen erin staan. Zie heftrucks en verreikers.

Magazijnstellingen worden volgens Stigas en BMWT gekeurd vóór ingebruikname, daarna minstens elke twaalf maanden en na schade, verplaatsing of wijziging (NEN-EN 15635).

Overzicht

ArbeidsmiddelTermijnBron
Elektrische arbeidsmiddelenzo vaak als nodig; jaarlijks "veilige ondergrens"art. 7.4a; Arboportaal
Ladders en trappenminstens jaarlijksVolandis A-blad
Rolsteigersonderdelen minstens jaarlijks, plus na montage en vóór gebruikVolandis A-blad
Steigers (bouwplaats)vóór gebruik, na wijziging, stilstand of slecht weer; in de bouw ca. elke 2 wekenart. 7.34 (alleen bouwplaats); A-blad
Hijs- en hefgereedschapminstens jaarlijksart. 7.20 lid 6 (wet)
Hijskranen vanaf 2 tonminstens elke 12 maandenWarenwetbesluit machines (wet)
Heftrucks, hoogwerkersjaarlijksBMWT-Keur
Magazijnstellingenminstens elke 12 maanden en na schadeStigas, BMWT

Grenzen met andere regimes

Sommige apparatuur valt onder een eigen wet. Drukapparatuur, zoals grotere persluchtvaten, wordt gekeurd volgens het Warenwetbesluit drukapparatuur 2016, met herkeuringstermijnen van 2, 4 of 6 jaar. Drukvaten met lucht tot en met 2.500 liter en een maximaal toelaatbare druk tot 30 bar zijn van die wettelijke keuringen uitgezonderd (art. 3 lid 3 en 4 Warenwetregeling drukapparatuur 2016). Voor zo'n vat, zoals dat van een gewone werkplaatscompressor, geldt de algemene keuringsplicht van art. 7.4a; controleer het typeplaatje. Valbeveiligings-PBM vallen onder hoofdstuk 8 Arbobesluit (onderhoud). Hoofdstuk 8 noemt geen keuringstermijn, en of art. 7.4a op PBM van toepassing is, is in primaire bronnen niet bevestigd. De jaarlijkse keuring volgens NEN-EN 365 is marktpraktijk. PBM moeten wel "overeenkomstig de gebruiksaanwijzing" worden gebruikt (art. 8.1 lid 8), en fabrikanten schrijven daarin vaak een periodieke inspectie voor.

Waarom het ertoe doet

Volgens de Monitor Arbeidsongevallen 2024 van de Nederlandse Arbeidsinspectie, gepubliceerd op 2 oktober 2025, is vallen het meest voorkomende ongevalstype (35%). Ladders en trapladders en vorkheftrucks en pallethefwagens zijn de meest betrokken arbeidsmiddelen, elk bij circa 6% van de meldingsplichtige ongevallen. Twijfelt u welke keuring bij welk middel hoort, kijk dan bij welke keuring heb ik nodig?.