Persoonlijke valbeveiliging, zoals harnasgordels, vanglijnen en valstopapparaten, valt onder de regels voor persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) in hoofdstuk 8 van het Arbobesluit. Die eisen onderhoud, vervanging en gebruik volgens de gebruiksaanwijzing, maar noemen geen keuringstermijn. In de markt is een keuring van minimaal eens per 12 maanden door een deskundige gangbaar, met NEN-EN 365 als norm. Of die jaarlijkse keuring wettelijk verplicht is, is omstreden.
Wat zegt de wet?
- Begrip: een PBM is in artikel 1.1 lid 4 onder b Arbobesluit apart gedefinieerd en valt onder hoofdstuk 8, niet onder hoofdstuk 7 (arbeidsmiddelen).
- Product: een PBM moet voldoen aan de PBM-verordening (EU) 2016/425 (art. 8.1 lid 1).
- Onderhoud: een PBM wordt "onderhouden, gerepareerd en zindelijk gehouden", met de "noodzakelijke vervangingen" (art. 8.3 lid 3–4).
- Collectief eerst: "collectieve veiligheidsmaatregelen [krijgen] voorrang boven persoonlijke veiligheidsmaatregelen" (art. 7.23 lid 1 onder a). Een leuning of steiger gaat dus vóór een harnas.
- Lijnwerk: bij toegangs- en positioneringstechnieken met lijnen draagt de werknemer een geschikt harnas, zijn er twee afzonderlijk verankerde lijnen en krijgt de werknemer een opleiding, onder meer in reddingsprocedures (art. 7.23c).
Leveranciers baseren de jaarlijkse keuring vaak op artikel 7.4a. Dat artikel staat in hoofdstuk 7 over arbeidsmiddelen; of het juridisch ook voor PBM geldt, is in een primaire bron niet bevestigd. Wel eist artikel 8.1 lid 8 dat een PBM "overeenkomstig de gebruiksaanwijzing" wordt gebruikt. Fabrikanten van valbeveiliging schrijven in hun gebruiksaanwijzing vaak een periodieke inspectie door een deskundige voor, meestal minstens eens per 12 maanden. Wie aantoonbaar jaarlijks laat keuren, voldoet daarmee aan die voorschriften en kan laten zien dat het onderhoud uit hoofdstuk 8 serieus wordt genomen.
Norm en interval
NEN-EN 365 bevat de algemene eisen voor gebruiksaanwijzing, onderhoud, periodiek onderzoek en markering van valbeveiligings-PBM. Keuringsbedrijven en leveranciers hanteren een interval van "minimaal 1 x per 12 maanden door een deskundige", voor harnasgordels, vanglijnen, valstopapparaten en permanente valbeveiligingssystemen. Voor ankerpunten (NEN-EN 795) is in een primaire bron geen vast inspectie-interval gevonden; leveranciers rekenen permanente systemen tot de jaarlijkse inspectie.
Registratie
Leg per PBM vast wanneer het is gekeurd, door wie en met welke uitkomst. Afgekeurde of beschadigde uitrusting wordt vervangen, zoals hoofdstuk 8 eist. Valbeveiliging valt niet onder Scope 9.
Keuring laten uitvoeren
Kies een deskundige die ervaring heeft met het type valbeveiliging dat u gebruikt, en die werkt volgens NEN-EN 365 en de instructies van de fabrikant. Vraag om een registratie per item met een uniek kenmerk, datum en uitkomst. Houd die registratie beschikbaar op de plek waar de uitrusting wordt gebruikt.